Ingedeeld onder: fotografie
dieptelectuur van een foto
De fotograaf geeft me bij dit beeld onvrijvwillig het gevoel dat ik mezelf in dit café in New Orleans bevind. Een late namiddagzon valt door de ramen en door een kier van de openstaande deur naar binnen. Buiten op straat kijkt een golden retriever met een bijna menselijke blik naar binnen. Het is een volks etablissement. Dat kan ik afleiden uit de weinig verfijnde inrichting, het goedkoop meubilair. Buiten het gelukkig toeval van de naar binnen turende hond gebeurt er weinig. Het leven in deze scene speelt zich af achter de lens van de camera. Een banale caféscène, een babbel aan de toog, een stukje dagelijks levensgenieten in de binnenstad van New Orleans. Het is rustig in het café. Geen enkel tafeltje is ingenomen. Ik zie geen tabaksrook opgelicht door het zonlicht. Buiten op straat is het leven schijnbaar stilgevallen. De hond kijkt naar binnen, naar z’n baas die zich ophoudt aan de toog. Hij wacht geduldig en kijkt bovendien met een trouwe en meelijkwekkende blik in de lens. Die blonde viervoeter waar de streep licht onze blik met enige dwang naartoe leidt is de ‘eyecatcher’ binnen het frame. Mochten we niet weten dat de hond vastligt aan de straatlantaarn of dat het dier hoopvol kijkt naar z’n fotograferende baas zouden we met groot gemak van een ‘decisive moment’ kunnen spreken. Wanneer is een moment trouwens decisief? Ondanks het harde tegenlicht vangen we toch een glimp op van het interieur. Een mooi staaltje lichtbeheersing van de fotograaf. Het raamwerk en de klapdeuren van het café zorgen voor de scheiding tussen twee werelden: binnen en buiten. Een filter van licht en geluid. Vooral het prachtige licht ontdoet deze scène van elke banaliteit. Ik hoor de hond zachtjes janken terwijl de retriever vast de stem van z’n baas herkent. Een hond hoort tien keer beter dan een mens. De kleuren zijn zonder uitzondering natuurlijk en flatterend tot het bordeaux koetswerk van de twee geparkeerde wagens toe. Het transparante groen van de nepantieken bureellamp zorgt voor een verrassend accent in dit palet van aardekleuren. Het moment is perfect symmetrisch vastgelegd, plaatst de hond centraal en accentueert bovendien de rust die onvermijdelijk van deze scène uitgaat. Het zou kunnen een foto zijn van Patrick De Spiegelaere die beweert dat fotografie ‘klein’ moet zijn. Het is een beeld van Bill Bowden die ik reeds lange tijd volg via zijn blog ‘At war with the oblivious’. Hij heeft niet de bekendheid van William Egglestone maar z’n werk doet me geweldig aan dit icoon van de vroege Amerikaanse kleurfotografie denken. Onbekendheid kan een hemels voorrecht zijn las ik onlangs ergens in een krant. Bill Bowden maakt hemelse platen.
Ingedeeld onder: fotografie
©paul willaert
title for this black and white essay on my journey to berlin are some words spoken by peter falk in ‘der himmel über berlin’
berlin, decembre 2007
Ingedeeld onder: fotografie
`
©paul willaert
london february 2008
Vorige zondag vierden honderden Kosovaren feest op ‘t Zand in Brugge. Hun vaderland was net onafhankelijk geworden. Nog op zoek naar een eigen vlag zwaaiden ze royaal met de Albanese kleuren. ‘k Herkende enkele bekenden uit de bokswereld die me meteen lieten delen in hun vreugde.
Aan de ontbijttafel las ik de opinie van een Italiaanse generaal van de vroegere KFOR vredesmacht. Hij zag weinig goeds in deze bekroning van de Kosovaarse vrijheidsstrijd. De militair vond dat deze onafhankelijkheid enkel in de kaart kon spelen van de internationale criminaliteit. Toen ik deze kleurrijke mensen op de meeslepende tonen van een elektrisch orgeltje zag dansen was ‘criminaliteit’ niet het eerste wat in me opkwam.
Na een tijd van fotografische verzadiging, een mens moet kunnen afstand nemen, was ik op pad zonder camera. Althans zo dacht ik eerst. M’n gsm verloste me van het onaangename gevoel een gebeurtenis als deze niet in beelden te kunnen verslaan…
©paul willaert
Ingedeeld onder: fotografie

©paul willaert 2005 Leica M7 en summicron 35 asph.
‘k Breek nu reeds dagen mijn hoofd over de aanschaf van een nieuwe kleinbeeldcamera. Na het opruimen van m’n fotografische stal zie ik eindelijk een duidelijke lijn in de toestellen die ik overhoud. Voor m’n journalistiek werk (portretten) blijf ik trouw aan het middenformaat. ( Hasselblad en Pentax, 6X7 tot 6X4,5) De rest van m’n technologie lijdt nu met behulp van ebay een nieuw leven in handen van ongetwijfeld boeiende fotografen. Zo nam ik afscheid van m’n gekoesterde Minolta Autocord, m’n kleine Ricoh GR, m’n Nikon FM2 uit Ramsgate en m’n allereerste werkbak: de Mamiya 645 M1000. Met spijt in het hart heb ik elk apparaat verpakt en uit m’n huis geband. ‘k Wil me kunnen concentreren op weinig werktuigen en me deze volledig eigen maken. De toestellen vlogen zodoende mijn deur uit en m’n fotobudget groeide zienderogen. Gelukkig was niemand geïnteresseerd in m’n oude contax 137. ‘k Kocht het bakje enkele jaren terug voor een prijsje bij Demey in Brugge (wat op zich een wonder is), ‘k vond toevallig een uitstekende lens bij Etienne Decock in Oostende en liet het kleinood overtrekken in genuine lizardskin geïmporteerd uit Amerika. Nu is het echt een te koesteren hebbeding. Een toestelletje om van te houden. Alleen mis ik wat discretie bij het straatflanneren. ‘k Heb het niet zo graag over ‘techniek’ al weet iedereen dat goed materiaal kan helpen. Heb je een goed toestel dan kan het eventuele falen enkel aan de bedienende hand geweten worden. De markt afschuimend dacht ik heel even aan de digitale meetzoeker van Leica, de M8. Een nachtje tobben deed me echter afzien van dit financieel te ambitieuze plan. Trouwens, m’n Nikon D200 haal ik enkel vanonder het stof voor de ‘fast’ job. ‘k Beleef meer plezier aan het werken met de solide oudere filmcamera’s. Het geconcentreerde focussen op m’n scènes, de blinde concentratie, het onverstoorde trage manipuleren van de weinige belangrijke componenten en het blindelings aanvaarden van de beelden op de pelicule ergens binnenin het magische apparaat doen me steeds teruggrijpen naar deze beeldenmakers. Onlangs hoorde ik hoe een bevriend straatfotograaf na een dagje stappen in Brussel met honderden digitale bestanden thuiskomt om dan op z’n computermonitor die enkele sterke beelden eruit te halen . Pas op het scherm ziet hij dat die ene persoon die net achter de bestelwagen vandaan komt voor de spanning in het beeld zorgt. Mocht dit beeld de ware niet zijn bestaat er nog een ruime wervingsreserve op de geheugenkaart. ‘k Had het meteen begrepen. Niet meteen mijn truc. Heel dikwijls weet ik of een opname geslaagd is lang voor ik de afdruk of het contactvel heb gezien. ‘k Hou gewoon van deze trage beschouwende manier van fotograferen. M’n toestel als een werktuig dat tijdens het schieten liefst vergeten wordt om de wereld met volle aandacht in me op te nemen. Misschien kan ik er op deze manier ook meer van mezelf in leggen. De steriele zuiverheid van de miljoenen pixels, de vergankelijke sfeer van de elektronische knoppendozen remt me af waar het me zou moeten vooruithelpen. Meermaals zocht ik in het magische knoppenbos de beginselparameters van de fotografie. Je kent vast het spreekwoord van het bos en de bomen. De miljoenen pixels zorgen voor onaangename prikkels. Het previewschermpje wil ik weg. Laat het magische moment waarbij het beeld zich in het donker langzaam openbaart niet teloor gaan. Laat me ‘zien’. Een autofocus kan helpen bij de snelle reportagejob of wanneer vermoeide ogen de scherpte niet meer vinden. Misschien moet dit dan maar m’n enige toegeving zijn samen met het praktisch nut van ’spotmeting’. Daar mag de vooruitgang dan ook ophouden. Geef mij maar de vettige contrasten en de sfeervolle korrel van een zwartwitfilm in ruil voor de ruis en het fletse kleurpalet van een sensor. Geef mij het intuïtieve van een warme opname in ruil voor de vlijmscherpe, loepzuivere steriliteit van de digitale registratie. Om een lang verhaal kort te maken… m’n keuze: het werd de MP. De laatste volledig mechanische telg uit de oerfamilie van de kleinbeeldfotografie ‘Leica’. De enige toegeving hier is de acurate belichtingsmeter. Hopelijk kan het toestelletje m’n verwachtingen inlossen. ‘k Verwacht het ding elk moment met de luchtpost uit Berlijn. Hopelijk werpen ze het niet uit het ruim op het tarmac. De camera is op papier een hoogstandje van Duitse precisie gebouwd op vijftig jaar ervaring. Het apparaat is vooral discreet in geluid en voorkomen. Zelfs de rode stip ontbreekt. Met een gelijkaardig bakje maakte Henri Cartier Bresson in de vorige eeuw van een foto een ‘moment décisif’. Zou het mij ook lukken? Nu eerst wachten op de bruine bestelwagen. Waarom moet ik telkens denken aan Tom Hanks als ik zo’n vrachtwagentje zie? Ebay is een wonderlijk medium zolang de transactie vlekkeloos verloopt.
Cast away…
Ingedeeld onder: maritiem
Vorige zondag vaarde ik met de Anne uit. Een felle wind en een ruig zeetje. Het kleine scheepje sneed dwars door de golven. Kletsnat waren we. Tot aan de Oostduinkerkeboei tegen de wind in. ‘k Was niet alleen. R. vaarde mee. Zo te zien amuseerde hij zich kostelijk. De Anne van Nieuwpoort ook… ‘k Voelde het op de weg terug, tijdens haar dansen in de deining, met de wind van achteren en haar weg zoekend tussen de koppen naar haar meerplaats.
Onlangs kwam ik deze man tegen langs het kanaal. Hij kocht zonet z’n tweede boot. Z’n eerste ligt te koop. De man woont op het water. Even dacht ik, dat moet zalig zijn, en ging naar die boot kijken. Nog een droom?
Te lang gewacht om dit filmpje te ontwikkelen… de naam van de man vergeten… zonde.



