zwerftocht

januari 23, 2009

burgoz-salamancazw
©paul willaert

zwerftocht - dagboek van een reis

( noot: bij gebruik van 'adobe reader' - beeld - paginainstelling... - naast elkaar )

kosovo

februari 20, 2008

Vorige zondag vierden honderden Kosovaren feest op ‘t Zand in Brugge. Hun vaderland was net onafhankelijk geworden. Nog op zoek naar een eigen vlag zwaaiden ze royaal met de Albanese kleuren. ‘k Herkende enkele bekenden uit de bokswereld die me meteen lieten delen in hun vreugde.
Aan de ontbijttafel las ik de opinie van een Italiaanse generaal van de vroegere KFOR vredesmacht. Hij zag weinig goeds in deze bekroning van de Kosovaarse vrijheidsstrijd. De militair vond dat deze onafhankelijkheid enkel in de kaart kon spelen van de internationale criminaliteit. Toen ik deze kleurrijke mensen op de meeslepende tonen van een elektrisch orgeltje zag dansen was ‘criminaliteit’ niet het eerste wat in me opkwam.

Na een tijd van fotografische verzadiging, een mens moet kunnen afstand nemen, was ik op pad zonder camera. Althans zo dacht ik eerst. M’n gsm verloste me van het onaangename gevoel een gebeurtenis als deze niet in beelden te kunnen verslaan…


©paul willaert

opaque paradis

februari 11, 2008


©paul willaert

vrijdagavond… concertgebouw… magnum-fotograaf carl dekeyzer… opening tentoonstelling ‘moments before the flood’

carl dekeyzer

Carl Dekeyzer is een verteller niet in het minst doorheen z’n
sprekende beelden maar evenzeer doorheen z’n beklijvende woorden. Hij
houdt er niet van afbreuk te doen aan ‘de legende’ van een beeld door
het overmatig uiteenzetten van bedoelingen en achtergronden. Een
foto van Dekeyzer is steeds een visualisatie van spanning, dynamiek
en eigenzinnige esthetiek. Het beeld is er en spreekt voor zich,
alleen of in samenhang met beelden uit een reeks. Zo ook in de
beelden die Carl maakte in opdracht van het concertgebouw van Brugge.
Het opgelegde thema was ‘water’. L’O klinkt merkwaardig genoeg meteen
kunstzinniger. Wie weet was het grafisch eenvoudiger om rond dit
éénletterwoord een trendy campagne op te bouwen? Dekeyzer ging vorige
winter fotograferen aan de Belgische kust en in onze Vlaamse polders.
Blauw, groen en roestig rood zijn de overheersende kleuren. Uit
sommige beelden waait de geur van zeewier en zilte noordzeelucht de
kijker tegemoet. In het zicht op de Oostendse havengeul striemt de
sneeuw in je gezicht. Vanaf de oostelijke oever zie je de herkenbare
skyline met een ferryboot en dichtbij een groen bemost staketsel.
De achtergrond is winters grijs. Op de voorgrond ruik je
de weekdieren op het vochtige hardhout. Dekeyzer houdt het graag bij
journalistiek reportagewerk waarin mensen de hoofdrol spelen.
‘Moments before the flood’ blinkt merkwaardig genoeg uit door de
afwezigheid van mensen. De dynamiek en de spanning die de fotograaf
anders verkrijgt door de menselijke aanwezigheid moest in deze reeks
op een totaal verschillende manier bekomen worden. Carl Dekeyzer
paste voor het eerst het procédé toe van het digitaal samenstellen
van verschillende opnames. Een drieduizendtal opnames resulteerden
uiteindelijk in de achtentwintig beelden van ‘moments before the
flood’. Door deze innoverende techniek kon de fotograaf de accenten
leggen die moesten resulteren in dynamische beelden. Diepte,
kleurtemperatuur, contrast, beweging, scherpte en onscherpte zorgen
zo voor schijnbaar gewone zeelandschappen die bij nader toezien ‘het
cliché’ ver achter zich laten en de kijker beroeren door de
indringende sfeer van onze ‘wateren’. Dekeyzer past de moderne
digitale techniek toe zoals hij in een vorig leven de chemie van de
donkere kamer bemeesterde, geniaal en subtiel. Dit alles met slechts
één doel, een beeld maken met impact waar geen verdere uitleg
bijhoort. Meer heb ik over deze foto niet te vertellen besluit de
magnum-fotograaf op een lakonieke manier… anders komt er
geen volk meer naar mijn lezingen. Carl Dekeyzer stapt vervolgens
naar het volgend beeld opgehangen tegen de betonnen muren van het
concertgebouw. In januari start een grootse expositie van zijn hand
in de Bibliothèque Nationale in Parijs. Z’n website getuigt van een vol bestaan.
Temidden de drukte blijft hij rustig… maar in alle rust heeft deze mens veel te vertellen.

(bovendien mocht ondergetekende de beelden-man fotograferen…
enigszins bedeesd stap ik naar voren als een klein ventje die wat wil vragen…
m’n bedeesdheid wordt meteen weggelachen…
‘natuurlijk, waar wil je me… ‘k heb ook nog met dat toestel gefotografeerd, maakt veel lawaai …’
ik druk twee keer af… één frontaal, één in profiel… ‘ben je zeker dat je een goeie hebt?’ vraagt hij
‘k herinner mij zelfs niet meer wat ik toen antwoordde )

follow the flag

augustus 14, 2007

followtheflag

op mijn weg naar broadstairs – party voor caravan met vlag
vlagvertoon… uitdagende fierheid, superioriteit, onoverwinnelijkheid, beangstigende gezelligheid, gezellige domheid…

You can stand alone

Or with somebody else

Or stand with all of us, together

If you can believe

In something bigger than yourself

You can follow the flag forever

(randy newman – follow the flag)

overkant

augustus 13, 2007

Is de overkant niet die kant waar men verlangend naar uitkijkt vanaf de andere kant? Eenmaal bereikt wordt die eerste ‘kant’ op zijn beurt weer de overkant. Een niet te vermijden onrust, eigen aan mijn persoon, durft voornoemde overpeinzing in de hand werken. De gedachte overvalt me op mijn voettocht van Ramsgate naar het idyllische gegucht Broadstairs. Ja, daags na een bijzonder natte en deels daardoor memorabele overtocht, ik had het roemruchte eiland ‘Engeland’ bereikt, vond ik het nodig de stramme ledematen te strekken. Van boven op de krijtrotsen tussen Pegwell Bay en de vuurtoren van Northforeland zag ik aan de zuidelijke horizon een streep land waarvan ik vermoedde dat het wel eens Frankrijk kon zijn. Cap Blanc Nez of z’n grijze collega of iets wat Frans was en hoog genoeg om boven de ronding van onze planeet uit te steken. Wat prachtig! Wat een helderheid in de lucht vandaag! Een helderheid waar mijn geest enkel kon van dromen. Ik herinner me nu nog de verdoemenis van elke schoolreis richting Cap Gris Nez en de daarbij horende garantie dat we van hoog op de kille rots in de verte Engeland zouden waarnemen. Het is me geen enkele keer gelukt. Of het regende, of het mistte, of allebei samen, of Engeland was ondergelopen. En jeetje… nu zag ik Frankrijk. ‘k Wou m’n verwondering onmiddellijk delen met elke strohoeddragende autochtoon die ik op mijn pad, hoog boven de zee, kruiste. Steeds opzijkijkend om mij ervan te vergewissen of het geen fata morgana was zette ik mijn weg verder over glooiende gazons. ‘For my beloved wife’ stond er in de rugleuning van een teak bank gebeiteld. ‘In memory of my dear husband’ een eind verderop…
In Broadstairs weten ze wat feesten is. Verschillende groepen Morris dancers veranderen plots danig de sfeer van m’n tocht. Met stokgekletter, belgerinkel en accordeonmuziek snijden we hier een ander hoofdstuk aan. In het haventje loopt iedereen met een pint rond. Fish and chips is hier nog steeds het meest populaire gerecht al wordt de heerlijke vettigheid dan al een tijdje niet meer in krantenpapier geserveerd.

the queen

Op m’n terugtocht heb ik de ‘queen’ ontmoet. ‘k Weet het zeker. Hellen Mirren was het niet. Elisabeth glimlachte heel aardig naar me. Misschien werd het haar ook allemaal wat te druk en te ernstig op Buckingham. Dit uitje naar Broadstairs had ze wel verdiend. Enkele kleine modificaties aan haar gezicht, een casual jurkje en een goedkoop tasje en ze kon incognito de straat op.

Wat verder kom ik weer voorbij de zitbanken met zicht op zee. Ik zie nog steeds een smalle strook land aan de horizon… Frankrijk? ‘In loving memory of our mother… Never forgotten, always loved’… Zou moeder hier zijn of aan de overkant?

nicolas

augustus 7, 2007

Net een weekendje Parijs achter de rug. Hiermee moeten we zowat onze limiet betreffende ’stressbestendigheid in grootsteden’ bereikt hebben. De lichtstad biedt ons echter één groot voordeel. We hoeven niks meer te zien. Wat een hautein uitspraak. Maar zo is het wel. De nerveuze jacht op onontgonnen en niet te missen plekjes, zelfs de alternatieve spots heeft plaats gemaakt voor een nonchalant genieten van dit ‘andere’ landschap. In de Rue Saint Nicolas vinden we een charmant hotelletje genoemd naar de straat en huisdieren toegelaten.

chips in parijs

Twee sterretjes, gezellige kamer en een hartelijk ontbijt. In de kleine lobby kijk ik de kranten in en probeer aan de hand van een vluchtige leesbeurt de geaardheid van het drukwerk te bepalen. Sommige dagbladen hebben het blijkbaar gemunt op het roayle verzetje van hun kersverse president. Een vakantie in het chiquere deel van New Hampshire in de Verenigde Staten. Hierop zinspelend richting sympathieke zwarte receptionist schertst deze laatste: ‘Oui, ça va nous couter vingt milles euros…il se moque des gens!’ De man in het modieuze pak met een brede Afrikaanse glimlach zal voor Ségolène gestemd hebben. Nicolas mag het nog maar eens uitleggen. Z’n vrolijke verschijning na de borrel met Vladimir, z’n geheime beloften aan Moamar van Lybië en nu dit… een verblijf aan de boorden van een luxueuze jetskivijver in z’n favoriete ‘States’. Onze geïrriteerde linksdenkende zuiderburen zullen elk akefietje, elke scheve schaats, elke verschijning bij dag of nacht van monsieur ‘racaille’ op de korrel nemen. Zoveel is zeker. Ook al vloog hij per reguliere lijnvlucht naar het paradijs van George Doubleyou en verblijft hij er op uitnodiging van z’n sympathieke microsoftvriend.
Zondag scheerden de temperaturen in de binnenstad ongekende toppen. Als schaduwfiguren zochten we met onze viervoeter de lommerte op. Op het zwarte tarmac van het trottoir trof ik dit kunstwerkje… consomme et t’es toi! (Wat een mooi jongleren met de Franse spelling… of heb ik het fout?)

nicolas sarkozy

eliades…

augustus 2, 2007

‘t Moet nu enkele jaren geleden zijn dat ik mij, in de ban van het filmwerk van Wim Wenders, de documentaire Buena Vista Social Club aanschafte. Na het herenigen van een charmerende doch bijzonder getalenteerde groep oude Cubaanse muzikanten slaagde Ry Cooder er in om de Social Club tot een wereldfenomeen te laten uitgroeien die binnen de kortste keren zalen zoals ‘Carnegie Hall’ in New York liet vollopen. Compay Segundo werd 96. Hij stierf in Havana in 2003. Tot z’n laatste dagen was hij onafscheidelijk verbonden met z’n eeuwige havanasigaar, z’n innemende glimlach en een charme waarvoor menig vrouwelijk schoon bezweek. Aanstekelijk vond ik de manier waarop hij Cubaanse smartlappen en levensliederen kon brengen. Ibrahim Ferrer moest niet onderdoen voor z’n compaan maar trok hem jammergenoeg achterna in 2005. Gisteren kon Brugge kennis maken met die andere overgebleven legende van de Buena Vista, Eliades Ochoa… In het unieke kader van Gruuthuuse kreeg de sonero uit Santiago het publiek vlug op z’n hand. Op de aanstekelijke zuiderse tonen sloeg het jongere volkje meteen aan het dansen. ‘k Had trouwens ook moeite m’n vermoeide lendenen, had aardig wat afgefietst die dag, onbeweeglijk op m’n stoel te houden. Heb mij dan maar beperkt tot het genieten van het Cubaans heupgewieg van Vlaamse deernes. Eén ding is zeker, Ochoa is de vleesgeworden reclamecampagne voor alles wat Cuba bij ons zo aantrekkelijk maakt. Waar haalt hij trouwens die cowboyhoed vandaan? De goede man ziet er ietsje ouder uit dan hij werkelijk is (61) maar dat zal dan wel te wijten zijn aan ‘the Cuban way’, de rook van cohiba’s en aan de doorleefdheid die noodzakelijk is om deze liederen de nodige authenticiteit mee te geven. In ieder geval… Eliades… bedankt voor deze heerlijke avond. ‘t Was gewoon de max!

eliades ochoa

elvis leeft!

juli 18, 2007

Op het bluenoterecordsfestival gisteren in de Bijloke te Gent beleefden we hèt concert van deze uitgeregende julimaand. Elvis Costello trad er op naast de nog levende New Orleans rhytm and blues legende Allen Toussaint. Hij deed dit met een energie en overgave waar tegenover menig jong talent verbleekt. Elvis bracht er om te beginnen wat eigen nummers maar overtuigde het talrijke publiek vooral met de ‘vibrerende’ muziek die hij maakte in samenwerking met de zuiderse grootmeester van het klavier. Allen Toussaint moest z’n geliefde New Orleans door de rampspoed van Katherina kort ruilen voor New York alwaar hij tijdens benefietconcerten Costello tegen het lijf liep. De samenwerking was bepaald vruchtbaar en mondde uit in het magische album ‘The River in Reverse’. Met volle teugen kon de afgeladen tent genieten van de aaneenrijging van krachtige zuiderse rhytm’n blues, sterke ballads en stevige rockers. Het door merg en been snijdende ‘I want you’, een versie die mij nog lang zal heugen, moest ik in de klassevolle Duvel-loungebar overvloedig doorspoelen teneinde mijn emoties weer op een rijtje te krijgen.

costello en toussaint

Anjani Thomas, mijn hoofd er af als zij niet de huidige muse van Leonard Cohen is, maakte van het voorprogramma een kwetsbare, ingetogen bedoening die bij wijlen wat gestoord werd door het onrespectvol gewauwel van de drinkende onverlaten die enkel voor Costello waren afgezakt. Haar performance deed me meermaals denken aan ‘No Promises’ van Carla Bruni. Bij wijlen op het randje van het pathetische maar mits wat inleving best te smaken. Alleen al de gedachte dat Leonard Cohen deze dame onder z’n poëtische vleugels neemt geeft de charmante verschijning een absolute vrijgeleide.

paul-willaert-0005klein.jpg
noot: Het zal de oplettende observator vast opvallen dat de bevallige dame uit Honolulu, bij het nemen van dit beeld, recht in m’n glazen toeter loenst…
met het onmiddellijk uitwisselen onzer beider mobiele nummers tot gevolg…