breskens
maart 16, 2009
't Was inderdaad mooi weer. Maar Breskens of all places, was dit niet wat overmoedig? Niets laten merken. Blufpoker op zondagmorgen. Breksens, ja, heerlijk! ( Terwijl ik het mezelf hoorde zeggen dacht ik: 'Dan hebben we dat hele eind terug toch tegenwind!?') Zo geschiedde. Aan een sneltreinvaart dreven we met rugwind en met z'n zessen langs Damme en Sluis Zeeland binnen. Wat een prachtdag. Een zon waar we een winter lang naar uitgekeken hadden en een landschap waar je enkel met 'meewind' doorheen durft wieleren. Voor we het goed beseften lagen Nieuwvliet en Groede achter ons en ginds achter de dijk rook ik reeds de Schelde. Nog maar net het kleine trauma van vorige zondag verwerkt durfde ik niet te dromen Breskens te halen 'in gezelschap' van deze coureurs. Alleen, ja... en snokkend naar adem en spierversterkende middelen... Neen, dit ging goed. Lekker in het wiel en achterwerken bestuderen. De 'derrière' van P. is een fort waarachter het comfortabel schuilen is, dat van L. te slank en het kielzog veel te turbulent. Het achterwerk van D. is betrouwbaar en hoopgevend. Rijd je in de luwte van H.'s parmahammen kan je zelfs die banaan uit je rugzakje plooien en een snelle hap nemen. Ik verword hier nog tot een meester wieltjeszuiger. Eén voornemen echter doet me naar deze verwerpelijke tactiek grijpen. Niet lossen, niet kraken, niet plooien... niet meer zoals vorige zondag.
Aan het torentje van Breskens hielden we 'bananenstop'. De timing kon niet beter. Suikerwater en apenkost aan 't begin van een pijnlijk stuk tegenwind. Blijkbaar echter was m'n adem gebroken. Ik kreeg mijn beproefde gewrichten van langs om beter op en neer. M'n longen inhaleerden met gulzigheid het zout van de zee en de vette lucht van de polders. Heerlijk! Een gat is een gat en dat reed ik graag even dicht.
Anderhalf uur later perste ik er het laatste beetje hoogmoed uit en scheurde ik in schoon gezelschap ( D., P. en L. ) aan een rotvaart langs het kanaal tussen Damme en de 'Lamme Goedzak'.
Diezelfde namiddag op een terrasje aan 't Zand, deze maal schuilend achter een Duvel, voelde ik me met de laatste erg verwant.
goeie benen
maart 14, 2009
vrijdag 13 maart 17.45 – recht stuk beton tussen nieuwege en stalhille – wind op kop (bredunia route)
Vorige zondag moest ik ‘opgevist’ worden tijdens een snelle rit met wielervrienden. (bedankt r. )
Vandaag voel ik iets van ‘goeie benen’.
Langs het kanaal, over Bredene en De Haan… via Houtave en Meetkerke…
Mon plat pays qui est le mien.
Op het viaduct op een steenworp van m’n huis hoef ik niet eens uit het zadel.
Verdomme, dat doet deugd.
warme beenhesp à volonté
september 9, 2007
Een bevredigend tempo hou ik er op na als ik later op de avond m’n koersfiets van stal haal en de polders in trek. ‘k Verwijt mezelf een gebrek aan vindingrijkheid. Weer gaat het over Stalhille en Plassendale tot bij het keerpunt aan de gestreepte watertoren van Bredene. De wind zit slechts enkele kilometers echt mee. Voor de rest voel ik een dwarse zucht. Ik hou van deze lus door de polders. Le plat pays waar de torens van Klemskerke, Houtave en Meetkerke de enige bergen zijn. Langs het kanaal ‘peurt’ een oudere palingvisser artisanaal met een hengel, een te grote dobber en een net hangend aan een opgeblazen binnenband. Jongere vissers gebruiken lichtjes aan hun lijn of verkliksysteempjes met beepgeluiden. Een gezinnetje barbecuet bij de brug onder de expressweg. De geur van gegrild rundsvlees doet vermoeden dat de visvangst het laat afweten. Even verder bij de Spuikom hangt een lucht van mosselen en oesters. Had ik nu maar wat gekoelde chardonnay in m’n drinkbus. Mijn fietstocht wordt overschaduwd door culinaire overpeinzingen. Misschien had ik beter eerst wat gegeten.
Op het rechte stuk tussen de grote Moerbeierboom en de betonweg naar Nieuweghe ontwaar ik temidden de velden een onwaarschijnlijk grote tent. Danig onder de indruk van deze tijdelijke nederzetting ga ik in de remmen om de affiche te lezen tussen het riet in de graskant. Zonder enige schroom wordt de ‘Nacht van de Halve Liters’ als jaarlijkse hoogmis op de vettige kleigronden aangeprezen. De avond daarvoor staat de elfde ‘warme beenhesp à volonté met frietjes’ geprogrammeerd. Het lezen van deze aankondiging is een ware beproeving voor mijn hongerige en dorstige zelf. Doch één iets mag ik terecht vrezen… mocht ik die twee volonté-nachten overleven, het touwtrekken op zondag haal ik niet zonder medische bijstand. In bourgondische gedachten verzonken hijs ik me terug op m’n Amerikaanse racefiets. 7 time tour de France champion staat te lezen op het frame. Het zal die Texaan ongetwijfeld veel bloed, zweet en tranen gekost hebben. Halve liters à volonté durf ik denken. Misschien moet ik septemberjazz maar vergeten en volgend weekend naar Houtave afzakken. Mocht ik zondagavond nog bij leven zijn dan rijd ik maandag evengoed achterwaarts Alpe d’Huez op.
ieder z’n eigen proloog
juli 7, 2007
Aan de overkant van de plas, dicht bij de towerbridge in Londen, start de Tour de France. Deze blauwe doch ietwat winderige namiddag doorkruis ik met m’n jongste ‘erfgoed’ de polders tussen Oostende en Brugge. De Breduniaroute spaart ons niet. Een flink eind hebben we die vermaledijde wind op kop tot aan het keerpunt aan de Spuikom van Oostende. Op zo’n dagen kan je maar beter de surfplank op het dak binden en het zilte sop kiezen. Geen enkel ogenblik laat het gezicht van Klaas enig teken van vermoeidheid blijken. Elke voorgestelde ‘pitstop’ of ‘moet je soms een ijsje’ wordt stoer afgewimpeld. De laatste kilometers verander ik regelmatig van zitpositie. Ik snak naar een ijsje. De wind van achteren. Nochtans een makkie.
Moet ik me nu echt zorgen maken?
No way… ‘k heb er van genoten.
Het fietsen met m’n zoon.
die grijns?… puur acteerwerk




